Kindje op Komst - editie 65

KINDJE OP KOMST | 37 KIJKEN Wist je dat na de geboorte een baby bijna niets ziet? Kleuren kan je kind nog maar moeilijk onderscheiden en details ziet het helemaal niet. Hoe hoger het contrast, hoe meer je kind ziet. Alleen voorwerpen op een afstand van 20 cm tot 30 cm kan het onderscheiden. Pas na twaalf maanden is het zicht volledig ontwikkeld. raken, dan komen er loopbewegingen (loopreflex). Je kind hoest, slikt, niest en knippert (afweersysteem). Deze primitieve reflexen zijn trucs van Moeder Natuur om te kunnen overleven. Ze verdwijnen binnen drie maanden na de geboorte. Meteen na de geboorte voert de verloskundige of kinderarts een aantal tests uit om te kijken hoe het met je baby gaat. Hij of zij kijkt naar de hartslag, ademhaling, kleur van de huid, spierspanning én naar de reactie op prikkels. De uitkomst hiervan wordt de Apgar-score genoemd. Er wordt gekeken of de aangeboren reflexen goed in orde zijn. Daarnaast wordt je baby gewogen, gemeten en kijkt de verloskundige of arts onder meer naar de omtrek van de schedel, de ogen, oren, temperatuur, armen en benen. Ook kijkt de verloskundige jou goed na. Verliep de geboorte zonder knip dan kan het zijn dat je vagina wat is ingescheurd. De verloskundige kijkt of de wond, onder verdoving, gehecht moet worden. Een knip wordt altijd gehecht, een klein scheurtje meestal niet. Bij een poliklinische bevalling kun je vaak een aantal uren na de bevalling naar huis, als alles goed gaat met jou en de baby. HULP IN HUIS Als je ´s nachts thuis bent bevallen blijft de kraamverzorgende, net als de verloskundige, zeker tot twee uur na de bevalling bij jou. Ook overdag blijft zij tot twee uur na de bevalling en aansluitend de kraamzorguren die aan jou zijn toegeschreven door de kraamzorgorganisatie. Als je baby minimaal een uur bij je heeft gelegen, kleedt de kraamverzorgende de baby aan. Ze controleert je pols en temperatuur, ze begeleidt je bij het geven van borstvoeding, en kan je, zo nodig, voorstellen hulp in te roepen van een lactatiekundige. De kraamverzorgende verzorgt eten en drinken, ook van eventuele andere gezinsleden. Als je in het ziekenhuis bent bevallen, meld je bij je kraamzorgorganisatie wanneer je thuis komt. Je spreekt dan af wanneer de kraamverzorging bij je komt. NAVEL De eerste twaalf uur is het verstandig om bij iedere verschoning de navel van je kind te controleren op nabloeden. Als de navel begint te bloeden waarschuw dan de verloskundige. Zij zal de navel opnieuw verbinden. Het stompje dat overblijft na het doorknippen van de navelstreng, valt er vanzelf na een aantal dagen af. Vaak wordt het doorknippen van de navelstreng gedaan door je partner. Maar je kunt het ook zelf doen. DE JUISTE LICHAAMS­ TEMPERATUUR Je baby kan de lichaamstemperatuur nog niet goed regelen. Het is daarom belangrijk dat je de temperatuur regelmatig opmeet. De temperatuur is goed als deze tussen de 36.5°C en 37.5°C ligt. De handjes en voetjes van je baby voelen vaak wat koud aan. Dit is normaal. Voel daarom liever in het nekje of gebruik een thermometer. Is de temperatuur te laag, zet dan een mutsje op of geef een kruikje. Is de temperatuur te hoog, trek je kind luchtige kleding aan, haal een kruik weg en/of eventueel het dekentje. Ook is het belangrijk om je eigen temperatuur regelmatig op te meten. Is de temperatuur van je baby na de tweede keer meten nog steeds te hoog of te laag of is je eigen temperatuur hoger dan 38 graden, neem dan contact op met je verloskundige. VOEDING In principe blijft je baby direct na de geboorte zo lang mogelijk op je buik liggen. Als je borstvoeding gaat geven, wordt ernaar gestreefd om je baby binnen een paar uur na de geboorte aan te leggen. Hierdoor wordt de melkproductie gestimuleerd. Baby’s gaan vaak zelf op zoek naar de borst. Tijdens het geven van de borstvoeding kan de baarmoeder samentrekken. Dit noem je naweeën. Je kunt ze op dezelfde manier opvangen als

RkJQdWJsaXNoZXIy MjA3NTA1